Menu

Baanreglement

Baanreglement 
Het Rijk van Nijmegen

 

Calamiteiten

Calamiteitennummer: +31-(0)24-397 6644, keuze 0

Dit nummer dient u altijd te bellen in geval van een calamiteit, ook wanneer een ambulance, brandweer of politie nodig is. De medewerker van de receptie belt 112 en vangt de hulpdiensten op. Blijf aan de lijn om antwoord te kunnen geven op vragen van 111.

In het kader van een voortdurende zorg voor onze baan, de golfsport en een goede doorstroming in de baan, zijn de volgende regels van toepassing op onze golfbanen. 

U kunt het Baanreglement als pdf hier downloaden.

1       Definities

1.1  De Golfbaan is het golfcomplex Het Rijk van Nijmegen.
1.2  Het Rijk is de eigenaar van de Golfbaan.
1.3  De Vereniging is de Golf Club Het Rijk van Nijmegen.
1.4  Het Bestuur is het bestuur van de Vereniging.

2       Toepasselijkheid

2.1  Dit reglement is van toepassing op iedereen die op de Golfbaan speelt of gebruik maakt van de oefenfaciliteiten.
2.2  Elke speler die de Golfbaan betreedt, dient kennis genomen te hebben van dit baanreglement en zich daar gedurende
       het spelen of oefenen aan te houden.
2.3  Bij het niet nakomen van de regels in dit baanreglement of de (Tijdelijke) Plaatselijke Regels riskeert een speler
       de straf die bij de betreffende regel hoort en/of (tijdelijke) uitsluiting van spelen.

3       Gedrag in de Baan

3.1  Hoffelijk en sportief gedrag is noodzakelijk. Spelers dienen zich daarom te onthouden van elk gedrag en van elke
       uiting die door medespeler(s), tegenstander(s), baanpersoneel en/of derden als hinderlijk kan worden ervaren.
3.2  Spelers dienen op de hoogte te zijn van en zich te gedragen volgens de regels zoals beschreven in het boekje “De
       Golfregels” van de NGF en de (tijdelijke) Plaatselijke Regels. De laatste staan vermeld op de daarvoor bestemde
       publicatieborden bij de Marshal, in het clubhuis en op de website: Home - Golfbaan - Plaatselijke Regels
3.3  Elke speler dient een pitchfork bij zich te dragen en waar nodig te gebruiken.
3.4  Het gebruik van een mobiele telefoon anders dan voor het registreren van scores en het gebruik van een golf-app is
       tijdens het spelen – behalve in noodgevallen – verboden. Het is baanpersoneel toegestaan om voor hun
       werkzaamheden gebruik te maken van een mobiele telefoon in de baan, daarbij rekening houdend met de spelers in
       hun nabijheid.
3.5  Het spelen van een flight met meer dan vier personen is niet toegestaan.
3.6  Drivingrangeballen zijn eigendom van Het Rijk. Het is niet toegestaan drivingrangeballen elders dan op de
       drivingrange te gebruiken of mee naar huis te nemen. Drivingrangeballen rapen van het gras van de
       drivingrange is verboden. Tijdens golflessen door een pro mogen drivingrangeballen ook gebruikt worden op de
       oefengreen en het Siepke.
3.7  Verlaat de green onmiddellijk nadat de hole is uitgespeeld; vul de scorekaart in op de afslagplaats van de
       volgende hole.
3.8  Zet buggy’s, golfdraagtassen en trolleys ruim buiten de afslagplaatsen en greens in de looprichting neer zodat u
       deze op weg naar de volgende hole meteen mee kunt nemen, zonder voor de green langs te hoeven lopen en
       daardoor achterop komende spelers te hinderen.
3.9  Als spelers gaan afslaan, zorg dan dat u niet te dichtbij staat, nooit te ver naar voren en evenmin achter hen in
       de lijn van de bal. Beweeg niet en wees stil.

4       Kledingvoorschriften

4.1  U dient in gepaste kleding deel te nemen aan het golfspel.
4.2  Nette jeans zijn toegestaan, trainingspakken niet.
4.3  Golfschoenen met noppen/softspikes zijn verplicht. 

5       Zorg voor de baan

5.1  Het maken van een oefenswing op een tee is toegestaan, mits het gras niet met het clubhoofd wordt geraakt.
5.2  U dient uitgeslagen plaggen, ook op de tee, terug te leggen en aan te drukken voor sneller herstel van de baan.
5.3  Herstel pitchmarks op de green.
5.4  U dient bunkers te betreden en te verlaten aan de lage kant. Bij het verlaten van de bunkers moet u deze aanharken
       en de hark terugleggen aan de buitenzijde van de bunker in de speelrichting van de baan.
5.5  Loop alleen bij uiterste noodzaak over “Ground Under Repair” (blauwe paaltjes) en neem in dat geval de kortste weg.
       GUR op de Golfbaan is altijd een no-play zone, die zonder straf ontweken mag worden.
5.6  Rijd nooit met uw buggy of trolley over greens of tees, tussen bunkers en greens, of over aprons (voorgreens). Rijd
       met uw buggy zoveel mogelijk op de daarvoor bestemde paden en vermijd natte plekken.
5.7  Ga ook in de rough voorzichtig te werk en beschadig geen struiken of bomen.
5.8  Het is verboden om afval, peuken en/of andere voorwerpen op de Golfbaan achter te laten anders dan in de daartoe
       bestemde afvalbakken. In de tee-bakjes mogen alleen gebroken tees worden gedeponeerd.
5.9  Wanneer er sprake is van wintergreens, is het verboden op de zomergreen te spelen. Alleen baanpersoneel mag de
       wintergreens terugzetten naar zomergreens.
5.10 Het is verboden om in vijvers of sloten naar ballen te zoeken met uitzondering van de bal waarmee u de hole speelt.

6       Gebruik van handicarts, buggy’s en trolleys

6.1  Het gebruik van buggy’s is op eigen risico.
6.2  Voor het besturen van een buggy moet de bestuurder minimaal in het bezit zijn van een geldig rijbewijs Am
       (bromfiets, scooter).
6.3  Het Rijk kan met het oog op bescherming van de baan het gebruik van handicarts, buggy’s of trolleys voor één of
       meer banen of gedeelten daarvan verbieden. In de winter gelden speciale regels voor het gebruik van buggy`s en
       trolleys.  Dit zal worden aangegeven op de informatieborden bij de ingang van het clubhuis, bij de computerterminal
       in de hal van het clubhuis, op de klapborden bij het clubhuis, de opgang naar de drivingrange en op de website van
       de golfbaan. Verder zal dit zijn aangegeven op het bord naast het pad dat toegang geeft tot de eerste tee van de
       baan waarvoor de beperking geldt.
6.4  Doorkruis de witte lijnen rond de green niet met uw handicart/buggy/trolley. 

7       Reserverings- en startregeling

7.1  De Vereniging beschikt over een verenigingsbaan van 27 holes met regelmatig wisselende luscombinaties. Deze
       verenigingsbaan is in principe alleen toegankelijk voor (bedrijfs)leden, buitenleden en hun introducés. De andere 18
       holes staan ter beschikking van Het Rijk. “All Course”-leden van de andere Het Rijk banen, greenfeespelers,
       #HetRijkGolf-leden en houders van een wildcard kunnen alleen reserveren op de lussen van Het Rijk.
7.2  Het gebruik van het online reserveringssysteem is verplicht, zowel voor de verenigingsbaan als de lussen van het
       Rijk.
7.3  In elke flight op de verenigingsbaan is minimaal één speelgerechtigd lid aanwezig.
7.4  Het is verboden om zonder reservering de baan in te gaan. De Marshal heeft dan het recht u te verzoeken de baan te
       verlaten.
7.5  Een gereserveerde starttijd geeft aan hoe laat u bij de starthole verwacht wordt; deze starttijd geeft u niet het recht
       om precies op dat tijdstip af te slaan.
7.6  Als u 18 holes speelt krijgt u twee starttijden. De eerste starttijd geeft aan hoe laat u op de starthole van de eerste
       lus wordt verwacht en de tweede starttijd geeft aan hoe laat u op de starthole van de tweede lus wordt verwacht.
7.7  Per periode van 14 dagen mag u maximaal vier starttijden open hebben staan. U kunt weer een nieuwe starttijd
       boeken zodra u een van deze vier starttijden hebt gebruikt of geannuleerd. Boekingen op andere Het Rijk banen
       tellen hierin niet mee.
7.8  Er zijn verschillende opties om te reserveren:

  • Vanaf 20:00 uur ‘s avonds 14 dagen van tevoren alleen op de verenigingsbaan (online)
  • Vanaf 48 uur van tevoren op de vrije plaatsen van de Het Rijk-lussen (online)
  • Op de dag zelf: als u wilt spelen kijkt u online of er nog starttijden vrij zijn, deze kunt u vervolgens online boeken; deze starttijd kan geboekt worden ook als u al vier starttijden heeft openstaan.

7.9  Als een starttijd is gereserveerd dient u circa 10 minuten (maar niet eerder) voor de betreffende starttijd op de tee
       aanwezig te zijn.
7.10 U dient aanwezig te zijn op de tee wanneer u aan de beurt bent. Wanneer u niet aanwezig bent kan de volgende
       flight afslaan en vervalt uw starttijd. Alleen als de bezetting van de Golfbaan het toelaat kan de Marshal u een
       nieuwe starttijd toekennen.
7.11 Alle spelers in een flight moeten correct zijn ingevoerd in het reserveringssysteem. Zonder reservering heeft u geen
       speelrecht.

8       Voorrang in de baan

8.1  Het vlot doorspelen en op tijd doorlaten van een achteropkomende flight is noodzakelijk om het tempo te handhaven
       en het speelgenot van de andere spelers te bevorderen. Vanaf 2018 hanteren we de regels van Ready Golf (zie
       Golfregels en bijlage 1).
8.2  Laat de achteropkomende partij, ongeacht de samenstelling van de flight, door zodra uw partij naar een bal zoekt en
       het er naar uitziet dat deze niet onmiddellijk zal worden teruggevonden; de reglementaire ‘3-minutenregeling’ heeft
       betrekking op het zoeken, niet op het doorlaten. Heeft u de spelers van de achteropkomende flight doorgezwaaid dan
       moet u wachten met verder spelen tot de doorgelaten flight buiten bereik is.
8.3  Spelers hebben voorrang in een door of namens het Bestuur of de NGF uitgeschreven wedstrijd en in wedstrijden van
       wedstrijd organiserende commissies, mits de betreffende commissies indeling en starttijden bepalen. Als de wedstrijd
       sneller speelt dan de gereserveerde buffertijden, zullen de wedstrijdflights moeten wachten.
8.4  Geen voorrang hebben flights die niet op de eerste tee zijn gestart, evenals flights die één of meerdere holes
       overslaan, tenzij op aanwijzing van de Marshal.
8.5  De laatste flight in een wedstrijd hoeft een achteropkomende flight niet door te laten.
8.6  Ritsen: zie de borden bij de startholes van de betreffende lus. 

9    Veiligheid baanpersoneel

9.1  Baanpersoneel, inclusief (club)Marshals, heeft altijd voorrang.
9.2  Wanneer leden van het baanpersoneel onderhoudswerkzaamheden verrichten op of rond de green, zullen zij als
        bewijs daarvan de vlag uit de hole nemen. Gedurende die periode mag onder geen beding de desbetreffende green
        worden aangespeeld.
9.3  Elders in de baan kan alleen worden doorgespeeld nadat het in de baan werkzame personeelslid daartoe een teken
        heeft gegeven.

10    Oefenen

10.1  Oefenen is uitsluitend toegestaan op de drivingrange en de oefengreen.
10.2  Het rondspelen met meer dan twee ballen in de baan wordt als oefenen beschouwd en is dus niet toegestaan.
10.3  Oefenen dient zodanig te geschieden dat de professionals hiervan tijdens het lesgeven geen hinder ondervinden
10.4  Chippen naar de oefengreen mag alleen als u de spelers die putten niet hindert.
10.5  Ook op de oefengreen en de oefenholes op het Siepke bent u verplicht uw pitchmarks te herstellen.
10.6  Oefenbunkers moeten na gebruik worden aangeharkt.
10.7  Pitchen naar de oefengreen is niet toegestaan.

11    Onweer tijdens het golfspel

11.1  Bij onweer worden de spelers in de baan geïnformeerd d.m.v. een geluidssignaal. Zodra het waarschuwingssignaal
         klinkt, dienen de golfers direct hun bal te markeren en op te pakken en het spel te staken, evt. de golftas ter plekke
         te laten staan en naar de dichtstbijzijnde schuilplaats te gaan.
11.2  Lang aanhoudend signaal: onmiddellijk het spel stoppen.
11.3  Twee korte signalen: het spel hervatten.
11.4  Een speler mag zelf besluiten het spel te staken als hij van mening is dat er een gevaarlijke situatie is ontstaan door
         onweer. In zijn algemeenheid geldt dat als de tijd tussen de flits en de klap minder is dan 12 seconden het
         gevaarlijk begint te worden.

12    Huisdieren

12.1  Het is toegestaan honden op de baan en de oefenfaciliteiten van de Golfbaan bij u te hebben, mits deze zijn
         aangelijnd. Honden mogen geen hinder veroorzaken voor andere spelers. U bent te allen tijde verantwoordelijk voor
         het gedrag van uw hond in de baan en u moet ervoor zorgen dat eventuele uitwerpselen op gepaste wijze worden
         opgeruimd in een afvalbak.

13    Marshals

13.1  De Marshals zijn bevoegd toe te zien op handhaving van het baanreglement.
13.2  Aanwijzingen van de Marshals moeten te allen tijde te worden opgevolgd.
13.3  De Marshals zijn bevoegd om, geplande starttijden op te schorten als er een dringende reden is, bij b.v. mist of
         onweer.
13.4  Bij het niet opvolgen van de aanwijzingen van de Marshals of het niet naleven van het baanreglement is de Marshal
         gerechtigd om een speler te weigeren of van de baan te verwijderen.

14    Robotmaaiers op de Fairway

14.1  Tijdens uw golfronde kunt u een robotmaaier tegenkomen. Tijdens het maaien heeft hij de zwaailamp aan. U kunt
         gewoon doorspelen.
14.2  Speelt u de bal toevallig precies in de baan van de maaier dan is er nog niets aan de hand. De bal komt dan tegen
         de voorrollen van de machine aan en wordt ‘weggetikt’ naar de zijkant van de machine. U kunt de bal vrij droppen
         (zonder strafslag) op de plek waar hij ongeveer lag.
14.3  Probeer niet de bal op het laatste moment voor de machine weg te pakken!
14.4  Het is aanbevolen om op afstand te blijven en rekening te houden met de werkvolgorde (maaibaan voor maaibaan).
14.5  Zet uw buggy of trolley niet in de maaibaan (of volgende maaibaan) van de machine. Bij het rijden van fairway naar
         fairway moet de machine soms ook de paden volgen.
14.6  Als u de machine tegenkomt kunt u het beste even opzij stappen. De machine kan dan ongehinderd doorrijden. 

15    Sancties

15.1  Bij de eerste overtreding van één of meerdere regels van dit baanreglement kunt u een waarschuwing krijgen.
15.2  Bij de tweede overtreding in dezelfde ronde kan u toegang tot de baan ontzegd worden.
15.3  Bij herhaaldelijk overtreden van de regels van het baanreglement over meerdere rondes kan het Bestuur of het Rijk
         besluiten om u gedurende langere tijd het speelrecht te ontnemen.  

Bijlage 1

Slow play: uit positie

Belangrijker dan de speeltijd per ronde (hole) is het begrip “uit positie”. Elke flight wordt namelijk geacht om de richtlijnen van speeltempo te kunnen volgen. Een flight is "uit positie" als men op de afslagplaats van een:

  • PAR-3 aankomt en de flight voor u heeft de volgende afslagplaats al verlaten (een flight “in positie” moet op een PAR-3 normaliter even wachten);
  • PAR-4 aankomt en de green al leeg is;
  • PAR-5 aankomt en de flight voor u is al op de green aanbeland.

Indien deze situaties zich voordoen, dan kan de flight door de Marshal als “uit positie” worden aangemerkt en wordt de flight gewaarschuwd en aangemoedigd sneller te spelen. Als na 2 holes de flight niet significant is ingelopen op het tijdschema of de flight voor hen, kan de Marshal maatregelen nemen.

 

Ready golf

In navolging van de R&A en de NGF dient zoveel mogelijk volgens het Ready golf te worden gespeeld. Dit betekent dat je speelt zodra je klaar bent om te spelen, mits het veilig is. Het gaat er niet om wie het verst van de hole is. Het gaat er om wie als eerste kan spelen. Enkele voorbeelden van Ready golf zijn:

  • niet de speler die de eer heeft slaat als eerste af, maar de speler die als eerste klaar is om te slaan;
  • als er in de verte nog een partij staat kunnen golfers die minder ver slaan alvast afslaan, daarna pas de long hitters;
  • eerst je eigen bal slaan als je medespeler verderop naar een bal moet zoeken, dan pas helpen zoeken als dat nog nodig is;
  • putten als je medespeler nog bezig is met het aanharken van een greenside bunker, ook al ligt de bal van je medespeler nog verder weg van de hole dan jouw bal;
  • bij een korte putt meteen uitholen en niet eerst weer de bal marken en wachten totdat de medespeler heeft geput.

Richtlijnen speeltempo (pace of play; doorstroming in de baan)

De gemiddelde tijdsduur bij het afleggen van een ronde van achttien holes is bij een tweebal drie uur en drie kwartier, bij een driebal vier uur en bij een vierbal vier en een half uur. Speel zo snel mogelijk door, houdt aansluiting met de partij voor u en let op de achteropkomende partij. Laat deze, als zij aanmerkelijk sneller spelen dan u (bij verlies van aansluiting met de partij voor u), direct door. 

De Marshals zijn bevoegd om, in goed overleg met de shop & receptie en de verantwoordelijke commissie van de club, geplande starttijden op te schorten als er een dringende reden is i.v.m. slow play of anderszins moverende redenen (‘mistprotocol’). 

  • Let op de flight voor u en houd aansluiting. Bijvoorbeeld; op een PAR-4 hole staat de groep voor u op de green wanneer u afgeslagen hebt.
  • Als een speler gaat afslaan, zorg dan dat u niet te dichtbij staat, nooit te ver naar voren en evenmin achter hem in de lijn van de bal. Beweeg en praat niet.
  • Nadat iedereen in uw flight heeft geslagen loopt u in de richting van uw bal en bepaalt onderweg alvast uw clubkeuze voor de volgende slag.
  • Als de bal van een speler niet is gevonden, of als het bekend of praktisch zeker is dat deze buiten de baan is, dan mag de speler de plaatselijke regel voor slag en afstand toepassen met twee strafslagen in plaats van de ontwijkoptie van slag en afstand volgens regel 17.
  • Neem voldoende ballen mee.
  • Loop stevig door.
  • Hanteer een korte pre-shot routine. Stel u tot doel om binnen 20 seconden uw bal te slaan.
  • Als u klaar bent om te slaan/putten wacht dan niet op uw medespeler als hij/zij zich nog moet voorbereiden. Ook al ligt uw bal dichter bij de hole.
  • Neem naast uw putter ook een wedge mee als uw bal naast de green ligt.
  • Raap de bal op als u niet meer kunt scoren.
  • Hole uw bal uit als de bal binnen 15 cm van de hole stilligt.
  • Verlaat de green onmiddellijk nadat de hole is uitgespeeld; vul de scorekaart in op de afslagplaats van de volgende hole.
  • Buggy’s, golfdraagtassen en trolleys ruim buiten de afslagplaatsen en greens neerzetten opdat u deze op weg naar de volgende hole meteen mee kunt nemen, zonder voor de green langs te hoeven lopen en daardoor achteropkomende spelers te hinderen.

 

Laatste wijziging 20220727